De orthopedagoog is betrokken als er een hulpvraag is over een leerling en deze wordt in het ondersteuningsteam van de school besproken. De orthopedagoog denkt inhoudelijk mee met de ouders en de school, op basis van het ontwikkelingsperspectief, met daarin onder andere de stimulerende en belemmerende factoren van de leerling, het integratief kindbeeld en de ondersteuningsbehoeften. De orthopedagogen vervullen deze rol namens het samenwerkingsverband Berséba. Gemeenten zijn zich daar niet altijd van bewust, omdat bij veel andere samenwerkingsverbanden de orthopedagogen in dienst zijn van het samenwerkingsverband. De orthopedagogen leveren door hun expertise en adviezen een bijdrage aan het realiseren van de doelen in het Ondersteuningsplan van Berséba, door maatwerk voor (groepen) leerlingen mogelijk te maken.

De zorgmakelaar vervult een belangrijke rol in het proces en de interactie tussen de school en het Loket. Daarbij is het belangrijk dat de zorgmakelaar onafhankelijk kan blijven.

In de kern gaat het bij vragen rondom leerlingen om vier mogelijkheden:

  1. De leerling heeft een Toelaatbaarheidsverklaring (TLV) nodig.
  2. De leerling heeft een Extra Ondersteuningsarrangement (EOA) nodig
  3. De school heeft een adviesvraag over een leerling
  4. Er is sprake van een thuiszitter.

Om inzichtelijk te maken wie in eerste instantie aan zet is, is onderstaand stroomschema gemaakt.