Met regelmaat zijn externe hulpverleners (ergotherapeut, logopedist, psycholoog, psychiater, etc.) betrokken bij leerlingen die staan ingeschreven op één van de basisscholen binnen ons Samenwerkingsverband. Een goede samenwerking tussen hulpverlener, school, ouder(s) en de leerling is van groot belang. Deze richtlijn is bedoeld om scholen te helpen om beleid met betrekking tot externe hulpverleners te schrijven. In dit artikel reiken we hiervoor ingrediënten aan.

1. Visie: normalisatie

  • Normalisatie is uitgangspunt.
  • Als het probleem (ook) op school is, is school leidend. School neemt dan als school de regie.
  • Pas op dat leerkrachten (en andere betrokkenen) overladen worden met (tegenstrijdige) adviezen.
  • Kind met zijn hulpvraag is uitgangspunt.
  • Een goede samenwerking is gebaat bij duidelijke afspraken over ‘wie is van wat’.

2. Vooraf: wanneer er ondersteuning nodig is vanuit de jeugdhulp

  • Aanmelding voor jeugdhulp gebeurt door ouders.
  • Wees als school terughoudend in het geven van adviezen over hulpverlening.

3. Hulpverlening gaat starten: interprofessionele samenwerking

  • Belangrijk om met de casus-regisseur afspraken te maken over het contact met school. (ga na wie de casus regisseur is).
  • Maak afspraken met de betrokken casus-regisseur over de frequentie waarop je met elkaar contact hebt.
  • Plan de contactmomenten met school bij voorkeur altijd met de casus-regisseur in met ouders/verzorgers erbij.
  • School neemt een gezamenlijk handelingsdeel op in het handelingsplan en/of Ontwikkelingsperspectiefplan, waarin de voortgang wordt gemonitord. Dat gezamenlijk handelingsdeel is ook onderdeel van het behandelplan.
  • Schoenmaker blijf bij je leest. We waarderen elkaars expertise zoveel als mogelijk. We vullen elkaar aan.

4. Hulpverlening start; waar en wanneer?

  • De (directeur van) de school beslist of het wenselijk is of de hulpverlener in de school mag komen voor bijvoorbeeld behandeling onder schooltijd of een observatie in de klas.
  • Observaties zijn bedoeld om een beter beeld te krijgen van de leerling, niet om handelingsadviezen te geven aan school. Voor handelingsadviezen kan school gebruik maken van de beschikbare expertise binnen het Samenwerkingsverband.

5. Rol van kind en gezin

  • Doel van AVG-wetgeving is niet beperken, maar informeren en zorgvuldigheid.
  • Zorg dat ouders en kind gehoord worden en op de hoogte blijven.